|
Karel van Sint Omaers, gezegd van Moerbeke
schildknaap, heer van Dranouter, Merris, Oudenem,
Moerkerke, etc. stierf te Moerkerke op 12 februari 1569
ns. Hij was er in 1532 of 1533 geboren.
Hij was de zoon van Joos van Sint Omaars, gezegd van
Morbeke, heer van Dranouter, Merris, Oudenem, etc., en
van Anna van Praet, die na de dood van haar zuster
Josine, echtgenote van Lodewijk van Vlaanderen, in 1546,
dame van Moerkerke was geworden. Joos en Anna kregen
twee kinderen, Johanna en Karel. Johanna huwde met
Nicolaas van Halewyn, en na zijn dood, met Willem van
Bronkhorst. Karel huwde met Françoise de Blois, gezegd
Trèslong, en na haar dood met Anne d’Oingnies. Uit
Karels beide huwelijken kwamen er geen kinderen voor
(Volgens
Adriaan Coenensz van Schilperoort was hij impotent en
werd hij gekweld door jicht).
Karel woonde op het kasteel van Moerkerke en had ook nog
een huis in Brugge aan de Koningsbrug, namelijk het hof
van Praet of het vroegere hof van Ryckenburg.
Van zijn leven weten we maar zeer weinig. Hij zou aan de
Universiteit van Leuven gestudeed hebben. Hij is een
militaire carrière begonnen, maar moest wegens ziekte
zijn carrière opgeven. Nadien bleef hij in Moerkerke
wonen en legde zich toe op botanica. Op het kasteel van
Moerkerke legde hij een tuin aan, met een grote
collectie inheemse en vreemde planten, die zo bijzonder
was, dat hij gekend was tot in het buitenland. Zowel
Guicciardini als Sanderus schrijven vol lof over deze
tuin, die werd vergeleken met de tuin van Pieter
Coudenberg, de Antwerpse apotheker, die bij Antwerpen
een grote tuin had aangelegd. Naast de botanische tuin,
was er te Moerkerke ook een grote boomgaard. Vandaag
vindt men nog altijd een weg tussen het kasteel van
Moerkerke en de Nieuwdorpstraat, die de Kasteelstraat
met de Middelburgse Steenweg verbindt en die de
Boomgaard wordt genoemd. Op zijn kasteel had hij ook een
cabinet of Wunderkammer.
Hij was zeer welstellend. Dit kunnen we opmaken uit twee
markante feiten. Het eerste feit is zijn verblijf in den
Haag, waar hij een lange periode verbleef om een proces
verder te zetten, die Lodewijk van Vlaanderen, in naam
van zijn vrouw Josine van Praet, had aangegaan tegen Mr.
Vincent Korneliszeune, tresorier-generaal van de keizer,
bij het Hof van Holland, betreffende aanwassen in het
land van Schobbe en Everocker, later gezegd
Mijnsherenland van Moerkerken. Na Josine’s dood, werd
het proces verder gezet door Anna, en na haar dood door
haar zoon Karel. Bij zijn verblijf in den Haag logeerde
hij aan het hof van de stadhouder.
Hij leefde er vergezeld van een hele schare knechten, 6
tot 8 paarden, koks en pages, terwijl ook zijn
echtgenote er vertoefde in het gezelschap van "staetvrouwen".
Karel verloor het proces in den Haag, maar ging daarna
in beroep bij de Grote Raad in Mechelen. Bij zijn dood
was het proces nog niet beëindigd.
Een tweede bewijs van zijn rijkdom is de staat
van goederen, die zijn vrouw Anna na zijn dood liet
opmaken om te dienen bij de erfenis.
Karel was een humanist met diverse interesses. Hij
maakte deel uit van de kring Brugse humanisten rond de
gebroeders Laurinus. Zijn beste vriend was echter
Mathias Laurinus, die zijn buur was op het kasteel van
Leeskens.
Hij was botanicus. Hij had een bibliotheek met Griekse,
Latijnse en Franse boeken. Op het kasteel waren er twee
kabinetten (Wunderkammern). Hij bezat een collectie
schilderijen. Het kasteel hing vol wandtapijten. In de
tuin had hij ook een kleine zoo.
Hij legde zich niet alleen toe op het aanleggen van een
kruidentuin, maar stelde ook een collectie
geaquarelleerde botanische en zoölogische illustraties
samen, die voor de periode enig was in haar soort.
Naast een brief, die zelfs niet door hem werd geschreven
(alleen de handtekening is van zijn hand), en enkele
gedichten (?), heeft hij ons een merkwaardige collectie
planten- en dierenaquarellen nagelaten. Deze
merkwaardige collectie is tot op heden nog bestaande.
Zij maakt de kern uit van de ‘libri picturati A.
16-30(31)’, die zich nu in de Jagiellonskabibliotheek in
Krakau bevinden. Om deze collectie samen te stellen deed
hij beroep op Jacob vanden Corenhuuse en nog andere
schilders enerzijds, en op een aantal medewerkers om ze
te annoteren anderzijds. De collectie werd lange tijd de
Clusius-collectie genoemd, maar de naam van de
rechtmatige ontwerper ervan, Karel van Sint Omaars, werd
teruggevonden door Helena Wille.
Vele aquarellen uit de collectie werden door Clusius en
Lobelius als voorbeeld gebruikt voor het laten maken van
houtblokken en voor het bepalen van de kleuren bij het
drukken van hun kruidenboeken en het inkleuren ervan.
Het kasteel van Moerkerke
In tegenstelling tot de tendens uit de 16de eeuw om een
tweede residentie op het platteland te gaan bouwen en er
te gaan verblijven in de zomerperiode, zien we bij de
familie van Praet het tegenovergestelde fenomeen. Sedert
onheuglijke tijd bezat de familie de heerlijkheid van
Moerkerke, bestaande uit het kasteel en het leen.
Later werd het huis aan de Koningsbrug in Brugge,
vroeger Ryckenburg genoemd en nadien van Praet,
aangekocht en bij het leen van Moerkerke gevoegd. Niet
het huis te Brugge, maar wel het kasteel van Moerkerke
bleef de hoofdverblijfplaats van de familie. Wanneer
Karel van Sint-Omaars Morbeke heer van Moerkerke wordt
blijft dit ook zo. In de staat van goederen staat het
ook zeer duidelijk vermeld[3].
Of Karel verbouwingswerken aan het kasteel liet
uitvoeren is niet geweten. Wel richtte hij de tuinen in
en liet een nieuwe dreef aanleggen.
Het geheel bestond uit een opperhof
en een neerhof.
Op het opperhof stond het kasteel, omringd door
grachten. Ook het neerhof was omringd door grachten. Ten
zuiden van het kasteel, afdalend in de richting van de
Lieve, lag de lust- en kruidentuin; ten westen lag de
grote boomgaard.
Zowel de tuinen als de boomgaard waren omringd door
doornhagen.
Op de noordwest hoek van het neerhof stond een
poortgebouw, ten westen van de poort. Aan de oostzijde
van de poort stond er een woonst, bestaande uit twee
kamers, gedekt met een schaliedak. Daaraan stond ten
oosten een washuis, bestaande uit een kelder en een
kamer, gedekt met tegels. Daaraan stond ten oosten de
paardenstallen, gedekt met stroo. Daaraan stond er nog
een stal voor schapen, kalvers en hoenders. Op de
noordoost hoek stond het wagenhuis. Aanpalend stond er
op de oostzijde van het neerhof een grote schuur. Al
deze gebouwen stonden met hun fundering aan het water
van de singel.
Achter de schuur, over de walgracht stond er een
aisementshuis.
Tussen de brug van het kasteel en de poort op het
neerhof lag er een kasseiweg. Op het neerhof stond er
een grote linde met een bank eronder.
Aan de zuidzijde van het hof lag er een brug over de wal
om naar de kruidtuin te gaan. Ook aan de westzijde was
er een brug, waarbij er nog een‘aisements’huis stond.
Bij deze brug stond er ook een huisje, met schalies
gedekt, waarin water werd gedistilleerd. Aan de
oostzijde van het hof stond er een klein huisje met een
pomp, ook met schalies gedekt, en op de noordoost zijde
stond een huisje, met stroo gedekt, en een pothuis.
Buiten de omwalling stond rechtover de kerk de grote
herberg, met paardestal en hofstede. Er stond ook nog
een klein huisje, waar de wagenaar van de heer van
Dranouter in woonde.
Op het neerhof stonden er tweehonderd en vier olmen, op
het schuttershof van de herberg honderd zeventig en een
populier en langs de dreef buiten het hof aan de
oostzijde van het kasteel stonden er honderd vijf en
twintig olmen en twee linden.
Hoe het kasteel zelf eruitzag weten we niet exact maar
uit de beschrijving in de staat van goederen hebben we
toch een goede kijk op de zaak.
Op de gelijkvloers was er een inkomzaal, een gaanderij,
een grote en een kleine zaal, een keuken, een
bottelarij. Onder de bottelarij was er een kelder. Er
waren ook twee slaapkamers met garderobe.
Een van de slaapkamers was die van Karel zelf. In de
garderobe van zijn slaapkamer, hield hij zijn cabinet.
Naast de kleine zaal had Anna een eigen cabinet. Op de
eerste verdieping waren er nog slaapkamers. Er was er
een boven de slaapkamer van Karel, een boven de andere
slaapkamer, een boven de kleine zaal, een boven de
bottelarij, een boven de keuken en twee boven de grote
zaal. Op de tweede verdieping was er een kamer voor de
knechten, een linnenzolder en nog een andere zolder.
Op het kasteel van Moerkerke was er, in tegenstelling
tot het huis in Brugge, geen kapel.
Alles was wel aanwezig om er de mis te lezen (Vne
calice auecque vne petite platine sur jcelle pesant deux
marcq quatre onces et demje / Deux petites ampulles Vne
clochette et vng heristoir dargent / Vne casulle vne …
et ce que duist a dire la messe et vng crucifix).
In de kapel van het huis te Brugge hing er boven het
altaar een schilderij van de Heilige Drievuldigheid.
Zeker tot in de 18de eeuw werd er een
processie gehouden naar het huis, ter ere van de H.
Drievuldigheid.
Het onderhoud van de daken van het kasteel werd
uitgevoerd door de schaliedekker Jan Blomme, die er een
jaarlijkse wedde voor kreeg.
Na Karels dood besliste Anna te Moerkerke te blijven
wonen, volgens de mogelijkheid door hun
huwelijkscontract geboden. Na haar dood in 1577 ging het
kasteel naar Cornelius van Moerkerke, feodale erfgenaam,
en diens zoon Maximiliaan. Deze laatste moest het leen
later door geldproblemen verkopen. Het werd eerst in
1586 door Jan Lauwers en in 1587 door Clement de
Castillo aangekocht. Deze laatste liet onderhouds- en
verbeteringswerken aan het kasteel uitvoeren.
In die tijd was er geen sprake meer van een botanische
tuin.
De dood van Karel
Karel van Sint-Omaars, gezegd van Moerbeke, stierf op 12
februari 1569 ns., na een lange, slepende ziekte.
Alhoewel hij op het einde van 1567, volgens de brief die
hij aan Clusius liet schrijven, aan de beterhand was,
stierf hij een jaar later, amper 36 jaar oud.
Welke ziekte hij gehad heeft is niet geweten, maar in de
teksten die over hem bestaan komt regelmatig voor dat
hij een militaire carrière moest beëindigen door ziekte.
Voor zijn dood werd hij verzorgd door François Rapaert,
geneesheer te Brugge.
De apotheker Antoine Bacq leverde geneesmiddelen. Op het
einde van zijn leven werd de zieke verzorgd door een non
van het klooster van de H. Geest te Brugge. Mr Rogier de
Jonghe, Mr van de Augustijnen stond hem enkele dagen
voor zijn dood bij. Een zekere Nicolaas Messach was ook
naar Pasbolt en Keulen op bedevaart geweest om de ziekte
te bezweren.
Karel werd in de kerk van Moerkerke begraven. Hoe hij
wilde begraven worden, vinden we in zijn testament
terug.
Premiers ledict Sr a ordonne et volu estre dresse en
leglise de Moerkercke vne sepulture de pierre de touche
simple en oeuure jtalienne
aveqz jnscription de sa memoire et de ses deux femmes
armes quartiers etc. Laquelle polra couster la somme
de
A ordonne estre fundez en ladicte eglise de moerkercke
deux obit et anniuersaires perpetuelz pour le salut de
son ame et de ses predecesseurs le premier pour
mademoiselle sa mere et de feu madame de batenburch sa
sœur Et le second pour luy et sa premiere femme Desirant
que lesdicts deux anniuersaires reuiengnent a xxiiij lb
t. par an au denier vingt qui montent a iiijciiijxx lb
t.
Op zijn grafsteen werd de volgende tekst gebeiteld:
D. O. M.
Carolo à Diuo Audomaro dicto à Moerbeke, Domino
Drenoultre, Moerkercke, &c. qui primà aetate in castris
egregiè peracta, cum morbo victus militis oneribus se
imparem fateri cogeretur, ad amoeniores litteras animum
flectens, in simplicium & animalium cognitione ita
excelluit, vt non facilis inuentu fuerit, qui parem cum
generis nobilitate eruditionem sit assecutus. Testam.
execut. iussi PP. Vixit annos 36. mensem vnum. Obiit
pridiè Idus Februarias anno 1569.
De grafkelder werd door François vander Kindren, metser
uit Brugge, en zijn volk gemetst. Voor het graf
gebruikte men zes heuden kalk. De kist, alsook de
kandelaars, werd geleverd door de timmerman Albert
Willemins. De kist werd met ijzeren banden beslagen door
Jacques de Wulf.
Zeer vlug na zijn dood werd Karel begraven. Enkele tijd
later rond 26 maart werd dan de begrafenisceremonie
gevierd.
De missen, zowel van de begrafenis als van de ceremonie
nadien, werden door de pastoor van Moerkerke, geholpen
door zijn onderpastoor, in de kerk gevierd. Beide
ceremonies werden door Jacques Destryes en zijn zoon
geleid.
De verwanten werden per messagier van Karels’ dood op de
hoogte gebracht en uitgenodigd op de ceremonie. Zo
werden de heer van Helmont, de burggraaf van Vivre en de
heer van Erpe, per messagier Lambert van Eesen, op de
ceremonie uitgenodigd.
De ceremoniemis werd opgedragen door de pastoor van
Moerkerke, bijgestaan door verschillende priesters. Er
waren ook nog 5 priesters aanwezig, die de mis zongen.
Een van de priesters was Joos Fournet, kapelaan van
Sint-Jacobs in Brugge. Jacques vande Velde, prior van de
Augustijnen, deed de preek.
De rouwkapel werd geleverd door Pieter de Banolare. Rond
de kist stonden er 30 armen met toortsen. De kaarsen en
de toortsen, zowel voor de begrafenis als voor de
ceremonie, werden geleverd door de kaarsemaker Romain
Cloribus.
Gedurende de ceremonie gaven drie heren elk een Gouden
Philippus ter offerande. De geldstukken werden wel door
de erfgenamen geleverd.
Armen droegen gedurende de ceremonie grote en kleine
blazoenen, Karels’ wapens, helm en banier, die allen
werden geschilderd door Jacob vanden Coornhuuse. Ook
twee sporen werden gedurende de ceremonie gedragen.
Iedereen werd in het nieuw gestoken voor de begrafenis.
Zowel Anna, als haar huispersoneel, maar ook de
executeurs-testamentair, de ontvangers en de baljuws
kregen rouwkledij. Het laken werd geleverd door de
lakenhandelaar Oste Hermare en door Jan Albrecht; vloers,
laken en zijde door Johan Sallon. De kreren werden
vervaardigd door de kleermaker Johan Bruisset uit
Brugge, die ook de knopen leverde.
Het linnengoed voor Anna en haar vrouwelijk personeel
werd geleverd door Barbele vande Scoede uit Brugge.
De schoeisels werden gemaakt door Christiaan van den
Eede.
Victor van Meunekerede, bondhandelaar uit Brugge,
leverde bond voor de rouwdienst.
Zuster Elisabeth van Moerkerke, non te Oosteeklo, werd
vergoed voor haar rouwkledij.
Oste Hermare leverde ook stoffen voor het draperen in de
kerk. Rochus de gyberchy spande de stoffen in de kerk.
Op de dag van de rouwdienst werd aan iedere arme, die
erom vroeg, een almoes gegeven, voor de totale som van
ix lb. vj s. t. Er werd ook brood uitgedeeld.
De afgevaardigden van de gilden, waarvan Karel lid was
geweest, die op de begrafenis aanwezig waren, werden
vergoed: de kruisboogschutters van Damme ix lb. t., die
van de confrerie van Moerkerke ook ix lb. t. en die van
de confrerie van de haakbussen van Brugge vij lb. x s.
t.
Na de rouwdienst was er een rouwmaal opgediend.
De bakker Pieter Steenwerckere uit Brugge kwam gedurende
drie dagen naar Moerkerke met zijn personeel om er het
brood te bakken.
Voor het maal werden er twee tonnen boter aangekocht,
een halve ton gezouten zalm, te Gent, een kwarteel rode
wijn uit Orleans aan Robert Dominicle, negen zesters van
de beste wijn van het jaar aan Roland Elle,
verschillende soorten riviervis aan Pieter vander Meuwe
uit Gent. Op 23 en 26 maart werd er zeevis gekocht op de
markt van Brugge. Een ander deel zeevis werd door
Cornelis Haghebaert aan de kust gekocht. Jan Andries,
kruidenier uit Brugge, leverde de kruiden; Jacques Elle
twee tonnetjes azijn.
Jacques Nolens, de kok, leverde vlees en pastijen en
kookte met zijn helpers voor het feestmaal.
De vrouw van Jacques Hughelick leverde verschillende
serviezen en Jan vanden Berghe verhuurde tin. De vrouwen
van de concierges van de huizen van Brugge en uit het
Vrije werden vergoed omdat zij vaatwerk uit deze huizen
naar Moerkerke brachten. De voerman Jacques de Smet
bracht goederen, die nodig waren voor de ceremonie, van
Brugge naar Moerkerke en terug.
De vijf paarden van Jan van Sint-Omaars, heer van
Morbeke, en die van Cornelis van Moerkerke werden
gelogeerd bij Jan Averdoen. Ook Adriaan de Jaghere
logeerde en verzorgde vier paarden en werd ook betaald
voor vervoer.
Gedurende zes weken na de dood werd er elke dag door de
pastoor van Moerkerke een mis gelezen in het kasteel.
Zes weken lang werden iedere dag gedurende drie uur de
klokken door de koster en zijn helpers geluid.
De staat van goederen.
Anna d' Oingnies legde op 25 juli 1569 de staat van
goederen, die moest dienen bij de erfenisverdeling van
Karel van Sint Omaars, neer bij het college van
Burgemeesters en Schepenen van het Vrije. Zij stelde
Matthias Laurinus als haar procureur aan. Dit is het
belangrijkste document, waaruit we een deel van Karels
leven kunnen samenstellen.
De staat van goederen vangt als volgt aan:
Estat et declaration de tous et quelconcques les biens
fiefz terres et seigneuries meubles et aultres biens
delaissez par feu Noble Seigneur Charles de St Omer dict
de Morbecque / en son viuant seigneur de dranoultre /
merris / Oudenem Moerkercke etc. Trespasse le xije jour
de feburier xvc lxviij / Lequel estat faict et exhibe
Madamoiselle Anna Oingniez vesue dudict feu seigneur / A
Messeigneurs Messire Jehan de St Omer dict de Morbecque
Seigneur Cornille de Moerkercke et messire Jacques de
Jongys Sr de pamele / tant pour eulx comme les plus
apparens heritiers Comme aussy pour et ou nom de leurs
apparens coheritiers
Bij traicte antenuptial werd et tussen Karel en
Anna bepaald dat:
- of er uit het huwelijk kinderen zouden voorkomen of
niet, alle goederen door beide aangebracht of gedurende
het huwelijk verworven, …… of de goederen nu soyent
fiefs heritaiges allodiaulx / renteux ou cottieres
maisons edifices arbres et bois montans hayes moullins
prests que en langaige thyois lemminghe ou latinghe
rentes a rachpt viaigieres et heritieres,
- bij de dood van Karel, of er kinderen zouden zijn of
nog komende, Anna de door haar aangebrachte goederen van
voor en gedurende het huwelijk, haar ringen, klederen en
juwelen, als hoofdtooi of lichaamstooi, en haar
cabinet zal mogen behouden,
- Anna voor haar kamer, haar stoffen en haar keuken een
eenmalige som zal ontvangen van 2000 gulden.
- zij daar bovenop de som van 1600 gulden per jaar zal
ontvangen, te nemen op de lenen, gronden en
heerlijkheden van Karel, betaalbaar in twee gelijke
delen per jaar,
- zij woonst, genot en vruchtgebruik zal hebben van het
huis dat Karel te Brugge bezat of van het hof en kasteel
in de parochie van Moerkerke ensemble des bassecourt
hayes chaingles jardins a jolytez et des aultres jardins
auecques darbres fruict portans et bois montans ensemble
et toutes les terres, met verplichting van
onderhoud, naar eigen keuze,
- zij haar haghemes, haar koets, met paarden en
harnassuur, zal mogen behouden.
Bovendien werd haar toegestaan alle roerende goederen,
zoals goud, zilver, geld, keukengerij, actieve schulden
en andere goederen, die in het contract niet vermeld
staan, te behouden, indien zij alle lasten, schulden en
verplichtingen van Karel zou betalen. Zij krijgt zes
maanden tijd om te beslissen. Gedurende die periode zal
ze van haar meubels mogen genieten en een levensstijl
volgen zoals zij het gewoon was ten tijde van Karel,
zonder dat men haar zal kunnen beschuldigen de goederen
onrechtmatig te gebruiken.
Anna besloot het kasteel van Moerkerke te houden en de
passieve schulden te betalen.
Daarna worden alle lenen, gronden en heerlijkheden, die
eigendom van Karel waren, beschreven.
Degenen die hij bekwam bij de dood van zijn vader:
De leengronden en de heerlijkheid van Dranouter,
afhankelijk van het hof van Belle, gelegen in de
parochies Belle, Boescese en Lokere, met vijfenvijftig
achterlenen. De heer van Dranouter had het recht een
baljuw, vijf schepenen en een sergeant te benoemen. De
heer van Dranouter bezat het marktgeld, het recht op de
bastaardgoederen, het lagaanrecht, het recht op het
aanboren van wijn, bier en andere dranken, het
gruterecht en het recht op het brood. Hij mocht ook de
baljuw van de draperie van Dranouter aanstellen, alsook
de verantwoordelijken voor merken en zegels.
Twee lenen in de parochie Lokere en nog een leen,
afhankelijk van de abdij van Mesen
Het leen van Oudenem in Kaster met achtien achterlenen.
Dit leen zou, volgens een overeenkomst tussen Joos van
Sint Omaars en de grootmoeder van Karel uit 1524, naar
de tak van Jan van Sint Omaars terugkeren, bij het
uitsterven van de lijn, wat hier ook is gebeurd.
Nog andere lenen in de parochie Kaster.
Lenen in de parochie van Merris.
Een leen genaamd het neerhof en de heerlijkheid van
Merris, met 12 achterlenen. Nog een leen, het hooghof
van Merris, met vijf achterlenen. Nog zes andere lenen.
Lenen, bekomen bij de dood van Anna van Praet, zijn
moeder.
De heerlijkheid van Moerkerke, bestaande uit 108 gemeten
grond en het kasteel van Moerkerke avecque vng
chastel bassecourt daues cingles jardins a jolitez
boghaerts et aultres appartenances, maar zonder
rechtspraak.
(In de verkoopsakte van de heerlijkheid van Moerkerke in
Zuid-Holland door Karel aan Goossen van Raesvelt, heer
van Raesvelt op 16 mei 1567 wordt het leen als volgt
beschreven: leengoet groot omtrent hondert neghen
ghemeten landts lettel meer of min metten casteele,
opperhove, walle, synghelen, grachtenende alle andere
zijne toebehoorten ghenaempt t hof ende leengoet te
Moerkercke binnen den lande van den Vrijen ligghende
ende staende binnen den ambochte ende prochie van
Moerkercke voorseyt in diveerssche parcheelen daerof dat
eerst ligghets daer t hoff ende casteel voornoompt op
staet metten walgrachten, synghelen, mote, nederhoue,
boomghaerden, houijnghen ende het schuttershof van
Moerkercke zijnde al tsamen groot neghenthien ghemeten
een lijne xxviij roeden landts lettelmeer of min
tusschen den visschers wech ande westzijde, Adamken
filius Jan Adams hofstede ende landt ande oostzijde
streckende metten noordthende ant kerckhof van
Moerkercke ende scomparants hofstede ende brauwerie leen
zijnde commende van wijlen Jan van Cortewijle ende
metten zuudthende opn neerdere Brusschenwech...)(Heerlijkheidsarchief
Mijnsheerenland van Moerkerken, inv.nr. 5, Nationaal
Archief, Den Haag)
Bij dit leen hoort een huis te Brugge, vroeger genaamd
Ryckenburg, met nog drie kleine huisjes en een
achterpoort, waar de heer van Sint Omaars, wanneer hij
in Brugge verbleef, zijn residentie hield. Op dit huis
rusten verschillende renten, namelijk aan de
schoolmeester van Sint-Donaas, aan de pastoor van de
kerk van Sint-Gillis, aan de kapel van Johannes de Doper
in O.L.Vrouw, aan de kapel van de confrerie van OLVrouw
in het begijnhof, aan de kapel van Sint Niklaas in
Sint-Gillis, aan de obediëntie van Sint-Donaas, de
kapel van Sint Anna in Sint-Savator. Van deze
heerlijkheid zijn 25 achterlenen afhankelijk. De
leenhouder heeft ook het recht om vijf arme kinderen aan
te wijzen voor de twee scholen van Brugge, 3 jongens
voor de Bogaardenschool en 2 meisjes, indien dit zich
voor zou doen.
Een tweede leen: de vogelvangst, de zwanerij en de
visserij van het ambacht Moerkerke, afhankelijk van de
Burg van Brugge.
Het ammanschap van Moerkerke.
Het Gistelhof, met bijhorigheden, bestaande uit 147
gemeten grond, gelegen in het ambacht Aardenburg, in de
parochies Middelburg en Heile.
Het leen van Upschote, gelegen in de parochie Moerkerke,
met een achterleen.
Een leen, gekomen van de admiraal van Claerhout, heer
van Maldegem, gelegen in de parochie Moerkerke.
Lenen, komende van Passchyne van Halewyn, grootmoeder
van Karel aan moeders zijde.
Een leen, gehouden door de heer van Praet, van het hof
van de Woestine, 9 gemeten groot, gelegen in de
parochie Knesselare.
Een leen van het hof van Wesseghem, 4 gemeten groot,
waarop het kasteel Lembeke staat.
Een leen van het hof van Wessegem, Levendale genoemd, in
de parochie van Knesselare.
Een leen, Schaapswarrande genoemd, in de parochie van
Ursel, negen gemeten groot.
Een leen van het hof van de Woestine, uniere genoemd, in
de parochie van Knesselare, met 3 achterlenen.
Nog verschillende andere lenen te Knesselare, Ursel en
Moerkerke
Een leen, door zijn moeder verworven.
Twee lenen door Karel verworven.
Daarna volgt de lijst van terres cottieres, die
Karel toebehoorden.
Interessant te vermelden is hier een stuk grond, dat aan
Jan van Corenhuuse werd gegeven, een herberg, Sint Joris
genoemd, in Dranouter, een windmolen in de heerlijkheid
Oudenem, een stuk grond, gehouden van de kanunniken van
Sint-Donaas, en een ander stuk, gelegen in het Vrije,
dat door Karel, samen met nog andere gronden, aan
Mathias Laurijn werden overgedragen, als betaling voor
het opstellen van het testament van Karel.
Verder vinden we nog het slagveld te Moerkerke, de
raaptuin te Knesselare, een windmolen, de crebbe muelen,
te Dranouter. Op enkele gronden stond er een levensrente
voor zuster Elisabeth van Moerkerke, non te Westerloo.
Een stuk grond werd door Karel gebruikt om de nieuwe
zuudtdreue bij het kasteel van Moerkerke aan te leggen.
Hij kocht ook nog een stuk grond, 't walleken, gelegen
bij het kerkhof van Moerkerke. Hij bezat ook nog grond
bij de tuin van de leerlooierij van Moerkerke.
Volgen enkele actieve renten van Karel, waaronder een
klein deel van een rente van 1000 dukaten op de
eigendommen van het hertogdom Milaan.
Vervolgens worden de goederen opgesomd, die door Anna
werden bijgebracht.
Een rente van 600 gulden per jaar, die aan Anna
verschuldigd zijn door haar broer, heer van Estree, die
hij haar verschuldigd is op de erfenis van hun ouders,
Claude van Oingnies, heer van Estree en Jacqueline
Verlettes.
Een rente van 100 gulden, bij testament gekregen van
haar broer Boudewijn.
Haar erfelijk deel van de erfenis van Anna van Oingnies,
weduwe van Robert du Bois, gezegd de Houts
Haar erfelijk deel van de erfenis van Anna de Thiennes,
vrouw van …, heer van Vlasbelt
Enkele kleine gemene delen met haar broers en zusters
van de erfenis van Gillis de Trasingnies, heer van
Ernemude en Stavenisse.
Daarna volgt de opsomming van haar juwelen.
Premiers vng accoustrement de dorrure de dyamans et de
perles ayant au tourret sept diamans et huict perles et
aultant a lorillette, Vng collier de dyamant auecque
huict pieches de huict diamans, Vng accoustrement de
rubys et de dyamans aiant au tourret quatre diamans
quatre rubyz et noeuf perles entre deux et a borrelet
cincq diamans quatre rubyz et dix perles entre deux /,
Vne ceinture senblable auecque cincq diamans six rubyz
et xij perles et vne rose de diamans qui serre la
fermeture de ladicte cheinture /, Vne paire de bordues
de rubyz aiant au tourret sept caillaix de rubyz huict
perles entre deux et a lorillet huict rubyz et neuf
perles entre deux , Vne cheinture de petits diamans
aiant trente diamans et xxxvj perles /, Vng carcant
garni de dix perles /, Vne chainette de perles auecque
des petyts gerpes dor entre deux /, Vng chappelet dor
esmaille de bleu avecque vn bout auecque des chainettes
pendans et des petits diamans et rubiz et des perles
alentour de la pomme /, Vng petyt chappelet dagathe /,
Vng de coral blancq /, Vng chappellet de parfum avecque
des gerpes dor esmaille de bleu /, Vne grande chaine dor
a fu.es /, Vne chaine dor esmaille de blancq et de noir
auecque des perles et vne pomme / Vne petite chainette
esmaille de bleu / Vne aultre petite chainette aiant au
pendant vne pieche de licorne vne hyachinte vne
malachite et vne agate / Vne paire de bracheletz dor
auecque des agates et des coralins et lapis larulus /
Quatre rubiz enchasses en or / Sept perles enchasses
pour mectre entre les dorriens / Vne verge desmeraulde /
Deux aultres verges auecque des petiz diamans / Vne
ronde verge et vne avecque teste de mort / Vingt ou
trente perles non enschasses et plusieurs petites
semences de perles / Vng st george romyn avecque vne
perle / Vne medaile de abraham avecque des petitz rubyz
petitz chapsier et vng diamant Vne table dattente dor la
ou il y a graue vng saint franchois/ Cincq douzaines de
bouttons a trois perles qui sont a vne robille de satyn
noir / Vingt en vn aultre petitz boutons a vne perle qui
sont a vng mantelin de velour noir / Quatre douzaines et
vnze boutons dor qui sont a vne robille de satin noir /
Cincq douzaines de boutons dor qui sont a vne robe de
caffa noir / Trois gorgerettes et vne coiffe dor / Vne
demie douzaine de seruiettes despainge / Vng ca de nuict
de cramoisi et la couberture de taffeta cramoisi et vne
boite dargent / Vng chausepiet dargent / Vng miroir /
Deux p.tigues / Deux boittelettes dargent / Vnes hueres
couuerts de velour cramosi / Vnes aultre hueres / Vng
cafher et vne petite presse peur presser des coeuure
chiefs /
Bij de dood van haar man, bezat ze volgende kleren :
Vne robe de velour cramosi figues / Vne robe de velour
violet brodde de toille noir dor / Vne robe de velour
violet brodde de petit parchement dargent et soye vyolet
/ Vne robille de sattin noir borde de petyt parchemnt
dor as deuanteurs plaines de martes et fables / Vne robe
de sattin noir borde de velour noir et les deuantures
plaines de fables / Vng robillet de caffa noir plaine de
conins noirs / Vne robe de nuict de cangeant plaine de
rodreulles / Vng mantelin de velour violet / Vng
mantelin de satin noir plain de marters / Vne robille de
bourret / Deux mauuais mantelins de velour / Deux cottes
trainants de velour cramoisi / Vne cotte de sattin
jaulne brode / Vne cotte de velour noir passemente
dargent / Vne cotte de velour tanne / Vng deuant de
cotte de toile dargent / Vng deuant de cotte de sattin
blancq brodde de cordons dor avecque des petitz boutons
de granate enchassez en or / Vng deuant de cotte de
velour blancq figure / Vng deuant de cotte de caffa noir
borde de parchement dor et dargent / Vne cotte de caffa
cramosi brode de passement dor et de soye cramosi / Vne
bayette descarlate borde de velour cramosi auecque du
petit passement dor et soye cramosi / Vne mauuaise
bayette destamet borde de frungettes et soye noire / Vng
aultre bayette de caffa rangant plaine de linees blance
/ Vne cotte de rangeant de soye / Vng corset de mesme /
Vngne pieche et des manches de sattin blancq brodes /
Vng corps et des manches de velour noir brode dargent et
soye noirs / Vng corset de sattyn jaulne brodde et vng
de caffa cramoisi cordonne dor / Vng corps de caffa noir
roye dargent / Vng corset de sattin blancq passemente
dor / Vng mauluait corset de caffa cramoisi Vng de caffa
noir et vng de velour tanne / Vne mauuaise cotte de
velours Vng petit mantelin de caffa noir parceme de
conins noir / Deux robes de deuil / Deux deuant de
cottes de drap / Vng manteau de drap pour aller au
chariot / Vng chainture dargent vne bourse et vng … /
Vng horeloge que ladicte damoiselle est accoustume de
porter sur soy / Trois paires de guants / Deux
verdugalles / Vne paire de manches de sattin broche
rompues / plusieurs petits passemens dor dargent en de
soye / Vng jeu des escecqz de corael / Vngne petite
pieche de marters / Vne faille / Vne huecque / Vng
chappeau de paille / Plusieurs parties de lingues
sicomme chemises manches escurreulx gorgerettes
mouchoirs porguettes franches et semblables / Huict
coffres et coffrettes et vne garderobe la ou tout ce que
dessus est mect dedans /
Anna had ook trois cheueaulx de chariot auecque leur
selle flassaiges et harnas le chariot a bacq ensemble la
tapytserie y seruante la faguenee auecque selle harna et
mords / die ze wenste te behouden.
De ‘roerende goederen’, zoals huizen, stallingen,
schuren, bomen, hagen, enz. van zowel vaders als moeders
zijde waren bij de opmaak van de staat van goederen nog
niet geïnventariseerd. Wel lagen er in de ‘lokrie’ te
Moerkerke jonge bomen, appelbomen en kerselaars klaar om
in de winter geplant te worden voor de som van 35 lb.
Er waren nog een pak actieve schulden, die aan Karel
verschuldigd waren bij zijn dood.
Het baar geld bedroeg op dat ogenblik vjclxvij
lb x s t.
Om de kosten van de begrafenis te betalen werden er
verschillende goederen verkocht, waarvan hier de lijst.
Een vergulde schaal en een vaas, drie vergulde
zoutvaten, vier gouden kandelaars, zes grote zilveren
tassen, vier kleine tasjes met twee deksels, zes
zilveren kandelaars, een zilveren verwarmer, twaalf
zilveren messen, een schaal en een esguiere, dit
alles voor de som van meer dan 1620 lb.
Daarenboven was volgend vaatwerk nog niet verkocht:
Een half vergulde schaal en de bijpassende vaas, die bij
testament werden geschonken aan de heer van Watervliet.
Twee kleine half vergulde bekers met hun deksels, vier
kleine zilveren tassen en drie deksels, zes zoutvaten,
12 messen, elf zilveren lepels en 3 vorken, een glas
met zilver, een zegel en de houder in zilver, en nog een
glas
In Karels cabinet stond er een koffer, met erin een kelk
en een pateen, twee ampullen, een belletje, een kazuifel
, een kruisbeeld en de benodigdheden om de H. Mis op te
dragen.
Bij zijn overlijden bezat Karel volgende kleren:
Vne robe de satin plaine de velour passemente de satin
noir Vng pourpoint de satin noir passemente de mesmes
Vng collet romyn borde de mesme passement Vne paire de
chausses de velour cramoisi bordees de passement dor
plaines de toille dor Vne paire de chausses romynes
bordees de mesme passement Vne cappe brodde de cantille
grise plainse de selpers grises Vne cappe de drap noir
Vne sayon de satin cramoisy borde de velour violet Vng
collet de velour violet picque par escailles du poisson
de blancq et orenge Vng pourpoint de satin violet picque
de meisme Vng pourppoint de satin cramoisy picque de
meisme Vng collet marroquin plain de satin jaulne borde
de spegilles dor Vng collet de marroquin plain de caffa
noir borde de passement de soye noire Vng pourpoint de
canefas sans manches borde dung spegille rouge Vne paire
de farragolles rouges borde de passement dor et de soye
rouge Vne paire de bas rouge Vne paire de farragolles de
drap rouge Vne sayon de doeul de drap Vng sayon de drap
noir borde de meismes avecq deux petits speguilles de
drap noir a deux costelz Vng manteau de drap noir borde
de passement dor rond Vng petit collet de satin cramosy
pour mettre sur le harnas Vng bonnet de doeul et vng
aultre de drap noir Deux bonnets de velour Vng chappeau
de feutre Vng chappeau de paille Treize esguillettes
darmes Vng pourpoint de caneuas picquez de passement dor
et de soye rouge Vne robette de drap noir borde de
passement dargent plaine de felpes Vne robe de nuyct de
damas noir borde de passement dor et de soye noire
plaine de felges Vng collet de velour noir picque de
bleu et de jaulne Vne robe de nuyct de damas noir plaine
de martres Vne robe de nuyct de cangeant de Lille avecq
de renards Vne petite robette de drap gris plaine de
renards Vne paire de chausses de caffa noir veloutte Vng
court manteau de doeul Vne paire de chausses de carisse
plaines de satin noir Vne paire de sarrogolles de drap
noir Deux gousses de drap noir Vng portemanteau gris Vng
cas de nuyct de caffa griz borde auecq passement dargent
et vne boitte dargent Vne paire de bottes Vne paire de
bruesekins Vne partie dung capraison de beuffle Vng
ceinture de cuire jaulne Quatorze chemises Dix bonnetz
de nuictz Six paires de chausses Quatre paires de
stieckcoussen oeuurees Douze mouchoirs Vng blauchisson
auecq des bendes noires
Verder worden de wandtapijten, tapijten, gordijnen en
dekens plaats per plaats beschreven, alsook de bedden.
Hierna volgen alleen de belangrijkste stukken.
In de kleine zaal hing er een rood geborduurd
wandtapijt, bestaande uit tien stukken.
In de kamer ernaast hingen er vijf wandtapijten en 4
kleinere stukken, met verdures.
In de slaapkamer van Karel hingen er negen gordijnen in
witte laasimant.
In de kamer boven de poort hing er een damasten
wandtapijt in geel, wit en rood.
In de kamer boven die van Karel hingen er zeven stukken
wandtapijt met verdures.
In de kamer schuin boven de kleine zaal hingen er negen
grote wandtapijten met 'des hommes et femmes faulx
aiges'.
In de garderobe ernaast hingen er vier kleine
wandtapijten met de gevierendeelde wapens van Gistel.
In de kamer boven de kleine zaal twee wandtapijten van
noisis.
In de eerste kamer boven de grote zaal hingen er 4
wandtapijten van Parijs.
Het linnen dat zich in het kasteel bevond was
indrukwekkend. Men vindt er grote en kleine tafellakens
van Damast, met bijhorende servetten, tafellakens uit
Venetië en uit Padua, met o.a. nog 42 dozijnen
servetten, en veel nachtlinnen.
Er was veel tin in het kasteel, zowel fijn als grof voor
de keuken.
Het fijn tin woog samen cent quarante sept pierres et
deux libris.
Ook te Brugge was er nog veel tin.
Verder worden alle meubels beschreven. In iedere plaats
is er ook een open haard met haardijzers, een vuurpot,
een blaasbalg, enz. In deze beschrijving komen we ook te
weten dat er in de gaanderij 4 landkaarten hingen.
Een zeer belangrijke plaats in het kasteel was het
cabinet (of Wunderkammer) van Karel, waarin hij zijn
wapens en collecties hield.
Trois armaires seruans a mectre diuerses choses et
singelaritez desquelz est dresse vng jnuentorie appart.
Spijtig genoeg is deze inventaris niet bij de staat van
goederen bewaard gebleven.
Vng couffre pour y mectre les semences Vng petit
couffret pour mectre vng livre dessus Vng grand pulpitre
Vng presse Vng chariot a filler Quinze arcbalestres
auecq huict jnstrumens ou ferrailles pour tendre
lesdictes arcbalestres Plusieurs flesches de diuerses
sortes Vne custode de bois avecq vnze flesshes Cincq
harquebuses y comprins vne que guilliame de stappelare
soustient luy auoir este donnee par feu mondict Sr
Quatre pistolets comme bons comme mauuais Vng pistolet
en maniere de poingnaert Deux villes custodes de
pistolets et vng aultre petite Vng flaccon en maniere de
custode dung pistolet Vne grande et vne moyenne custode
pour harcquebuse Deux vielles custodes Deux finees
oeuuurees de … Vne custode de turquie ouuree de velour
Vng sac a porter poedre et arquebouse / Sept espees Vng
bracqutin arc avecq la mance de corne de cerf Vng
poingiaert de turquie Vng jaueline vng dard Trois arcqz
a main et encoires tris rompus Vne grande custode de
bois avecq plussieurs flesches Vng harcq a boullets qui
se plye en deux Deux guantz darcq Vng pendant despee
avecq les fers dorez Trois cheintures de velour …ses
Trois larges cousteaulx auecq les armes de Moerkercke
Larmure dune selle armee Dixsept mors de cheueaulx et
sept demy mors Vne paire destrieulx Vne paire de sollees
de che(val) Plusieurs verges pour pescher Vng plumard
aueq vne custode Quatre hallebardes Vng petit bouclier
de cuyer Vng quadrant de pierre Vne forche destrainge
fachon Trois trompes Huict masiues Deux soles de cordes
Vng oiseau de bois Plusieurs jnstrumens qui fendent a
vng carpentier Vng mortier pour peurer leaue Plusieurs
chartiers et papiers painctz Plusieurs liures en latin
et aultres langaiges.
Deze boeken worden verder in de staat van goederen nog
eens vermeld.
Het keukengerei bestond uit volgende onderdelen:
Treize chaudrons entre bons et mauluais Six potz de fa
et deux couuertes de pots Quatre grilz Quatre payelles
rotissoires et vng fer pour mectre deuant Deux cheminons
pour rostir et deux plus petites Vng grand pot de cuyure
pour tenir eaue chaude auecq vne couuerte / Deux
mauuaises trepies et vne grande Trois cromlieres Vng
hanset Deux payelles a fricasser et vngne trouwee Deux
grandes cousteaulx pour hacher Vne payelle pour
rechauffer le lict Trois petites payelles de fer Vne
chaudiere en cuyure Vne enquodyne de cuyure pour laver
les mains Sept chandelliers de cuyure Trois eschauffoirs
dont les deux ne valent guerres Trois seaulx auecq les
bures de fer fondue auecq vng estampoir de meismes Deulx
loches de fer Deulx escumois Dix grandes broches et vne
petite Vng molin a mostaerde Vng mortier de pierre Vng
salliere du bois Vng prtefeu des estelles Deux pugettes
Vng fer por fondre le lard sur le rousty Vng tonneau por
mectre leaue dedens Vng estonnoir Vne dresse Vne cuue
por y lauer les platz Deux platz de bois Dix
chandelliers de bois Vne rasette Vne forcette / Deux
estampoirs Vng frason darraing Vngne armaire Deux bacqz
de bois Deux escueillieres
Er was ook een huisje in de tuin, waar werd
gedistilleerd, met al het nodige materiaal.
Er waren ook veel dieren in het park. Men mag gerust
spreken van een kleine zoo.
Twee jonge paarden, een paardje, een muilezel, zeven
koeien, twee vaarzen van drie jaar, vijf stukken
hoornvee van twee jaar, twee van één jaar, acht schapen,
drie lammeren, een geit met twee geitjes, een bok, zes
zwanen, vier pauwen, drie fesanten, twee Afrikaanse
kippen, een arend, een beer, twintig kippen, zeven
nertsen, een ooievaar, een papegaai en meerdere kleine
vogels.
Het cabinet van Anna bestond uit volgende zaken:
Verschillende schilderijen. Spijtig genoeg worden deze
schilderijen niet beschreven.
Vng couffre ou jl y a dedens quatre liures dherbes
paintes
Vng commenchement dung livre des oyseaulx
Vng commenchement dung liure des poissons et aultres
animaulx
Hier wordt de collectie aquarellen van Karel beschreven,
die zich nu in Krakau bevindt. Dit is het belangrijkste
bewijs van zijn eigendomsrecht. De twee eerste delen van
de ‘libri A 16-31’ zijn juist het begin van een boek met
vogels en het begin van een boek met vissen en andere
dieren.
Verder vinden we nog een grote kast waarin de zaden
werden bewaard, die zowel ter plaatse werden verzameld,
als van overal in de wereld naar Karel werden opgestuurd
om zijn tuin aan te leggen.
Verder nog een koffer met mineralen, en verder:
Vng grand pulpitre Vng ecriptoire auecq de largent Vng
petit tonnelet Vng fournois pour distiller Vng psaltier
Plusieurs voires pour y mectre deaues distillees Six
potz de terre auecq des couuertes destain et plusieurs
demis couuertes Deux jeux de tablier dyuoir Vng pot et
deux chandelles rompues de marble Plusieurs potz tellis
et voires a mectre ongnes et confitures Quatre couffres
de fer et vng dyuoir Deux couffrees de cuyer boully Vng
petit molin de fer Vng couffre avecq vng poir Vng liure
des cheuallieres de lordre et aultres liures en
franchois Plusieurs pations sur estorque et sur canefas
ouurez Vng estuy pour griffer.
Karel bezat dus ook een boek met de ridders van de Orde
van het Gulden Vlies en verschillende Franse boeken.
Hier moeten we toch even blijven stilstaan bij het feit
dat de collectie botanische en dierenaquarellen zich in
het cabinet van Anna bevond. Dit zou er kunnen op wijzen
dat het Anna is, die na de dood van Karel eigenares werd
van de collectie, gezien er bij de aanvang van de staat
van goederen duidelijk staat dat haar cabinet haar
eigendom bleef. Dit wil ook zeggen dat er door Karel
nergens per testament werd bepaald dat de collectie zou
worden geschonken aan de Universiteit van Leuven, zoals
Sanderus later in een van zijn boeken zou beweren.
Ook in het huis van Brugge waren er nog veel meubels.
Het belangrijkste hier is het feit dat er in Brugge een
huiskapel was. Boven het altaar hing er een schilderij
met de Heilige Drievuldigheid. In de kleine zaal hingen
er 9 stukken wandtapijt met de wapens van Vlaanderen.
Verder worden dan de passieve schulden opgesomd. Deze
schulden worden ingedeeld in lasten en passieve schulden
op het sterfhuis, lasten van de niet-gehypothekeerde
passieve renten en andere passieve schulden. Bij deze
laatste schulden komen we o.a. te weten dat Karel nog
3000 lb. t. verschuldigd is aan Marcus Laurinus, die hij
van deze laatste had geleend. Ook twee geneesheren
moeten nog geld krijgen; enerzijds de erfgenamen van
Nicolaas Valdaura, die eertijds Anna van Praet had
verzorgd en anderzijds aan François Rapaert, die Karel
had verzorgd. Hier vinden we ook de namen terug van het
huispersoneel, waaruit kan opgemaakt worden dat er ten
minste 8 mannen en 6 vrouwen in dienst waren, bij het
overlijden van de heer.
Er zijn ook de schulden voor het opstellen van de staat
van goederen.
Een afzonderlijk hoofdstuk wordt gewijd aan de schulden,
die werden veroorzaakt door de begrafenis.
Daarna volgen de lasten, die voortvloeien uit het
testament van Karel van Sint Omaars.
Premiers ledict Sr a ordonne et volu estre dresse en
leglise de Moerkercke vne sepulture de pierre de touche
simple en oeuure jtalienne aveqz jnscription de sa
memoire et de ses deux femmes armes quartiers etc.
Laquelle polra couster la somme de
A ordonne estre fundez en ladicte eglise de moerkercke
deux obit et anniuersaires perpetuelz pour le salut de
son ame et de ses predecesseurs le premier pour
mademoiselle sa mere et de feu madame de batenburch sa
sœur Et le second pour luy et sa premiere femme Desirant
que lesdicts deux anniuersaires reuiengnent a xxiiij lb
t. par an au denier vingt qui montent a iiijciiijxx lb
t.
A donne a sœur Elisabeth religeuse a oost /oosteeclo vne
rente viaigiaire de ij lb groz par an sa vie durant dont
la premiere venue annee est escheue le xxvje de mars
passe parquoy jcy vj lb t.
Pour le capital de ladicte rente estime au denier sept
la somme de iiijxx iiij lb t.
A ordonne de estre paye a chacun des serueurs et
seruantes qui auroient demoure vng an auant son trespas
vne annee de gaiges pasdessus ca quilz auroient de
servir Que monte a la somme de
A donne a henry son varlet de chambre pardessus ladicte
annee encoires deux ans que vallent lx lb t.
A haustien rose son paige pour apprendre vng mestier l
lb t.
A francisce tassin semblablesl lb t.
Au cure de Moerkercke Sire Gillis coddun xxiiij lb t.
Au chappelain iij lb t.
Au coustre ij lb t.
A donne a Phle. fransman oultre les cincquante florins
par an a luy donnez en aduanchement de son mariaige
encoires deux cens florins par an rachaptable au denier
seize qui … auoir court au jour de son trespas qui fust
le xije de febvrier lxviij a condition du retour audict
testament jcy pour les deniers capiteaulx iijm ijc lb t.
Quant aux meubles estant dedans la maison de castre
legatez a Chaerles marichal bailly de dranoultre con les
luy a laisse seruire Parquoy jcy Memoire
Semblablement quant au grandt horologe legate au Sr de
fletere lon luy a pareillement laisse seruire Parquoy
Memoire
A legate a Me Paul vanden ryne la somme de iijc lb t.
Quant aux liuris delaissez par ledict Sr en grec et en
latin legatez a chaerles de lescluse lon entend les
laisser seruire audict escluse Parquoy Memoire
Audict Charles de lescluse a este donne pour les paines
et assistence quil a faict audict Sr la somme de ijc
lb t.
A donne a colette la seruante la somme de xxiiij lb t.
A Charles matinee vne clochette dargent boire dehoirs
valissant xviij lb t.
A Madame la femme dudict matinee et madame la femme
dudict Mathias Lauwerin chacun vne couppette dargent de
la valeur chacune de vj lb groz lesquelz jl a volu estre
faictz egaulx et dene forme et fachon uz lxxij lb t.
Quand au second bachin a demy dore auecq son esquire
yseruant legatez au Sr Marcus lauryn Sr de watervliet
lon le laissera seruire audict Sr Parquoy Memoire
A donne au Sr Mathias laurin la somme de trente liuriz
qui font ciiijxx lb t.
A donne aux executeurs de son testament ascauoir a
monseigneur doingniez deux cens lb t. et a Mathias
lauryn Me Charles Scildre et Josse valcke a chacun deulx
cent cincquante lb t. montans lesdictes quatre parties
ensemble a vjcl lb t.
Jcy est par ledict testament ordonne que lesdicts
executeurs besoingnans en ce qui concerne lexecution
dudict testament hors la ville de Bruges ou
extraordinairement dedens jcelle ville soyent payes
sallarisez et recompensez a la tauxation et arbitraige
de Messieurs du college du francq selon que plus ad
plain est dict et ordonne par la clause finale dudict
testament
In het artikel betreffende de boeken die Karel aan
Clusius schenkt staat de aquarellencollectie niet
vernoemd, wat er duidelijk op wijst dat niet Clusius de
wettelijke eigenaar was, maar wel Karel.
Verder laat Anna de nog hangende processen van Karel
opsommen, waaronder het proces betreffende de aanwassen
in de heerlijkheid van Schobbe en Everocker, gezegd
Mijnsherenland van Moerkerke, het belangrijkste is.
De staat van goederen eindigt dan met:
Ladicte damoiselle proteste dauoir faict dresse ceste
etat selon ce que jusques ores est venu a sa
coingnoissance / Et quelle entend menez congnoissance
tout ce quelle polra encoires entendre soit en
augmentation ou diminution au droict de celluy quil
appartiendra
Damoiselle Anna doingnies vesue de feu le seigneur de
dranoultre a affirme le susdict estat et jnuentoire par
protestation costumiere et pour jcelluy estat de rechief
affirmer en lame de ladicte constituante au colliege de
Messieurs les bourgmaisters et escheuins du francq
constitue son procureur mathias laurin promectant tenir
ferme et estable tout ce que par ledict son procureur
sera besoingnie / Actum le xxve jour de jullet xvclxix
en presence de C burg. et ourssin escheuins dudict pays
Soubsigne /
J Daue
Le xxx jour de jullet est comparu audict colliege ledict
mathias laurin et a en lame de ladicte constituante
comme son procureur affirme ledict estat et jnuentoire
en presence de Me Niclaes wimpe pour et au nom de
messire Jehan de saict omer seineur de morbeke hoir
feodal et de maistre jehan de corte cornille de
praet dict de moerkercke aussy hoir feodal et de maistre
jehan de corte pour et au nom de messire Jacques de
Joingny seigneur de pamele apparent hoir dudict feu Sr
de dranoultre / Desclarant ledict Me Nicolas pour et au
nom de ses maistres que par cest actes jl nentent soy
fonder hoir mobilaire dudict Sr et declare pareillement
ledict Me jehan de corte pour et au nom dudict Sr de
pamele ne se vouloit encoires porter pour heritier /
Actum en la chambre des bourgmaistres et escheuins
dudict pays et terroir du francq lan et jour que dessus
/ Soubsigne
J Daue
Anna hertrouwde met Jehan d'Estourmel, heer van
Vandeville, Steenwerck, Douxlieu, etc. Ze stierf in 1577
en werd in de kerk van Steenwerck begraven.
In oktober 1581 werd er nog een staat van de goederen
van Karel, die nog niet verdeeld waren, op vraag van Jan
van Moerkerke, voogd van Maximiliaan van Moerkerke,
erfgenaam van Cornelis van Moerkerke, en van Meester
Charles de Schildere, opgemaakt.
Staet jnhoudende de partien van ghoedinghen als noch jn
wesen zynde daer omme den ghemenen heurs ende
aellinghens verklare van wylent joncheer chaerles van
sintomaers ouerleden heere van dranoultre moerkercke ..
recht pretenduerden zyn als ten voornompten sterfhuuse
behoorende als diuersche gronden van erfue huusen
muelene boomen prysien vp diuersche leenen midtschadens
zekere baten van jnschulden datmen tvoorschreuen
sterfhuus noch schuldich ende ten achteren es Voordts
alle de vutschulden commeren ende lasten ten voornompten
sterfhuuse wesende als noch onbetaelt zynde to tende
metten jare xvc eenen tachtentich jn cluus Den welcken
staet my Joos de valcke als … vanden voors. sterfhuuse /
Es ghedaen maken by verzoecke ende begheerte van
joncheer Jan van Moerkercke als voocht den joncheer
macximiliaen van praet filius joncheer cornelis / Ende
oock by laste van meester chaerles de schildere ouer
ende vuter name van mynen heere van maldeghem metten
anderen commende vanden huuse van vutkercke ouer
hemlieden daer vp ende mede te beradene van … te doene
als … voorscreuen jnt voornompte sterfhuus ofte tselue
te reuochierene de welcke goedinghen zyn zo hier naer
volghende ghescreuen staen
Op 27 augustus 1586 verkocht Maximilaan, die toen in de
schulden zat, de heerlijkheid Moerkerke aan de Clement
de Castillo. Toen was er al geen sprake meer van een
Renaissancetuin, wel nog van de grote boomgaard.
Castillo liet het kasteel verbouwen.
Enkele voorbeelden van aquarellen uit de collectie te
Krakau.
|

Orchis A22-06 |

Brandnetel A18-18 |
|

Angelica A29-19 |

Wilde distel A27-41 |
|